Op dinsdag 16 oktober 2018 heeft de Tweede Kamer ingestemd met het wetsvoorstel Wet fiscale maatregel rijksmonumenten dat gaat over de afschaffing van de fiscale aftrek voor eigenaren van rijksmonumenten. Dit wetsvoorstel wordt samen met het Belastingplan 2019 op 10 en 11 december behandeld in de Eerste Kamer. Als de Eerste Kamer met het wetsvoorstel instemt, komt de mogelijkheid om onderhoudskosten voor rijksmonumenten af te trekken van de belasting per 1 januari 2019 te vervallen. Vanaf dat moment is er een vervangende subsidieregeling voor particuliere eigenaren van rijksmonumenten met een woonfunctie beschikbaar: de instandhoudingssubsidie woonhuis-rijksmonumenten. De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) zal de regeling uitvoeren.

Voor wie?
De subsidie kan worden aangevraagd door particuliere eigenaren van rijksmonumenten met een woonfunctie. Deze rijksmonumenten moeten zijn ingeschreven in het rijksmonumentenregister van de RCE. Het gaat hierbij alleen om aanvragen van natuurlijke personen die eigenaar zijn van een rijksmonument met een woonfunctie. Een eigenaar kan subsidie aanvragen voor een rijksmonument met een woonfunctie dat hij/zij verhuurt en dat (gedeeltelijk) wordt bewoond. Een rechtspersoon (bijvoorbeeld een naamloze vennootschap of een stichting) kan geen aanspraak maken op de subsidie. Het rijksmonumentale pand in kwestie hoeft overigens niet van oorsprong een woonhuis te zijn. Ook een eigenaar van een rijksmonumentale schuur, molen of kerk met een woonfunctie kan subsidie aanvragen.

Wat?
De woonhuissubsidie vervangt de fiscale aftrek voor particuliere eigenaren van rijksmonumenten. Er kan subsidie aangevraagd worden voor instandhoudingskosten die bijdragen aan de instandhouding van de monumentale onderdelen van het rijksmonument. De Leidraad subsidiabele instandhoudingskosten (bijlage van de Sim) beschrijft concreet welke werkzaamheden subsidiabel zijn.

Het subsidiepercentage voor subsidiabele onderhoudskosten die gemaakt zijn in 2019 en 2020 (waarvan de aanvragen worden ingediend in 2020 en 2021) bedraagt 38%*. Een aanvraag kan jaarlijks ingediend worden tussen 1 maart en 30 april, volgend op het kalenderjaar waarin de subsidiabele kosten zijn gemaakt. Op 1 maart 2020 kan de woonhuissubsidie dus voor het eerst aangevraagd worden (over het jaar 2019). Er is geen minimum- of maximum aanvraagbedrag. Wel moet een aanvrager bij een aanvraag van meer dan €70.000,- een inspectierapport overleggen.

Het inspectierapport dient een adequate beschrijving te bevatten van de technische of fysieke staat van het rijksmonument voorafgaand aan de werkzaamheden waarvoor subsidie wordt aangevraagd, en mag op het moment van de aanvraag daarom niet ouder zijn dan vier jaar. Het inspectierapport moet inzicht geven in de toenmalige staat van het monument, in de toenmalige gebreken van het monument en tevens in de oorzaken en mogelijke gevolgen van die gebreken.

*Het percentage van 38% subsidie op instandhoudingskosten is voor de jaren 2020 en2021 vastgelegd, na die periode is een aangepast subsidiepercentage mogelijk. Hetkabinet heeft in de jaren 2020-2023 in totaal 200 miljoen euro beschikbaar gesteld voordeze woonhuissubsidie. Het subsidiepercentage voor kosten waarvoor men in 2022 en2023 subsidie aanvraagt wordt bepaald op basis van de middelen die na 2021 nogresteren. Dit percentage zal niet meer dan 38% bedragen.

Waarom?
De minister van OCW presenteerde in juni 2018 de uitgangspunten van het nieuwe erfgoedbeleid (beleidsbrief Erfgoed Telt) waarin ook de financiële ondersteuning van monumenteneigenaren is opgenomen.. De overwegingen bij de nieuwe subsidieregeling kwamen onder andere voort uit de wens om de beschikbare middelen gerichter in te zetten, de wens om de kwaliteit van de instandhouding beter te kunnen monitoren (kwaliteitstoets) en de wens om het belastingstelsel te vereenvoudigen.

Wanneer?
De nieuwe subsidieregeling gaat in per 1 januari 2019. Onderhoudskosten die een rijksmonumenteigenaar in 2018 maakt voor uitgevoerd onderhoud komen nog in aanmerking voor fiscale aftrek in 2019. Voor instandhoudingskosten gemaakt in 2019 kan een eigenaar in de periode van 1 maart tot en met 30 april 2020 een subsidieaanvraag indienen bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Het achteraf aanvragen van subsidie is vergelijkbaar met wat eigenaren nu gewend zijn bij het doen van hun belastingaangifte.

Hoe?
De subsidie kan via digitaal aangevraagd worden via de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Binnen 13 weken na de aanvraagperiode wordt bekend gemaakt of de aanvraag wordt gehonoreerd en voor welk bedrag. De toetsing van de subsidiabele instandhoudingskosten gebeurt na het aanvragen van de subsidie.

Subsidie of lening?
Als een eigenaar voor subsidie in aanmerking wil komen kan hij/zij voor dezelfde werkzaamheden waarvoor de subsidie wordt aangevraagd, géén laagrentende lening bij het Nationaal Restauratiefonds krijgen. Er is dus geen combinatie van een laagrentende lening én subsidie voor dezelfde werkzaamheden mogelijk. Een eigenaar maakt een keuze tussen laagrentend lenen (vooraf) of subsidie (achteraf).

Een laagrentende lening bij het Nationaal Restauratiefonds (revolving fund) is voor financiering van instandhouding (restauratie en onderhoud), waarbij geldt dat eigenaren van rijksmonumenten (o.a. particulieren, stichtingen, kerkelijke organisaties) een plan indienen en op basis daarvan een laagrentende lening van 100% van de kosten kunnen krijgen. Met de woonhuissubsidie kan een particuliere eigenaar subsidie aanvragen voor zijn instandhoudingskosten.

Een eigenaar heeft vanaf 2019 de keuze: men kan een lening aanvragen bij het NRF voor 100% van de instandhoudingskosten (restauratie en onderhoud) -tegen een leenpercentage van 1%- óf men kan subsidie aanvragen voor 38% van de instandhoudingskosten (restauratie of onderhoud).

Woonhuissubsidie of Sim?
Sommige eigenaren van rijksmonumenten met een woonfunctie komen zowel in aanmerking voor woonhuissubsidie als voor onderhoudssubsidie op grond van de Subsidieregeling instandhouding monumenten (Sim). Dit kan het geval zijn als het rijksmonument is uitgezonderd van het woonhuisbegrip in de Sim, bijvoorbeeld bij een boerderij. De eigenaar maakt dan een keuze op welke subsidie hij/zij aanspraak wil maken, omdat dezelfde werkzaamheden niet vanuit twee regelingen gesubsidieerd kunnen worden.

Vragen?
InfoDesk Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, info@cultureelerfgoed.nl, 033 – 421 7 456
Bureau Monumentenpanden, telefoon (088) 152 81 55.
Belastingtelefoon 0800-0543 (gratis).
Informatielijn NRF 088 253 90 00 en https://www.restauratiefonds.nl/nieuws-en-evenementen/update-afschaffing-fiscale-aftrek-voor-monumenteigenaren

Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, 8 november 2018

Wilt u meer weten over de mogelijkheden voor uw monument?

Patrick de Groot

Rentmeester