Ecoloog Gerard Lubbers fietst bijna iedere avond met collega’s door het buitengebied van Lochem. Op zoek naar vleermuizen. Met drie tot vijf personen kammen ze systematisch de ruim 20.000 hectare buitengebied van Lochem uit. Gewapend met een digitale antenne, waarmee ze vleermuisgeluiden opvangen. Overdag hangen vleermuizen op allerlei plekken te slapen om in de schemering tevoorschijn te komen om te foerageren.

 

Met de antenne registreren ze waar de diertjes zich ophouden. Geen sinecure, want het is een groot gebied. Lubbers: ,,Het kost een half uur met de auto om van de ene gemeentegrens van Lochem naar de andere te rijden”. Niet verwonderlijk dus dat het onderzoek enkele maanden in beslag neemt.

Schemer

Omdat het tijdstip van schemer iedere dag iets eerder valt, stappen de onderzoekers steeds iets vroeger op de fiets. Om tussen 05.00 en 05.30 uur huiswaarts te keren en het bed in te duiken.

Tot nu toe heeft het onderzoek dermate veel resultaat opgeleverd, dat het voor Lubbers en zijn collega’s zeker de moeite waard is om steeds weer op pad te gaan. ,,Nederland is niet heel rijk aan soorten vleermuizen. In Lochem hebben we tot nu toe ongeveer tien verschillende soorten aangetroffen en dat is in relatie tot de rest van het land aardig veel”, aldus Lubbers.

Duizenden

De afgelopen maanden hebben ze enkele duizenden vleermuizen gespot. Best veel, want ook voor vleermuizen is deze droge periode niet gemakkelijk. Lubbers: ,,Er is minder vegetatie, daardoor minder insecten, dus minder voedsel voor de vleermuis.”

Hij wil in deze fase nog niet zeggen welke soorten vleermuizen zijn aangetroffen. Dat wordt nog uitgewerkt in een zogeheten soortenmanagentplan, een rapportage waarin in het kader van de Wet natuurbescherming wordt beschreven hoe met de soorten de komende tien jaar wordt omgegaan in relatie tot projecten in het buitengebied.

Veiligheid

Als er vleermuizen worden ontdekt in een boom die op omvallen staat, gaat veiligheid boven de soort, weet de ecoloog. ,,We houden natuurlijk wel rekening met het beestje, maar als het voor mensen gevaarlijk wordt, gaat de boom wel om. Daarom wachten we met kappen ook het liefst tot de winter, want dan zijn de vleermuizen weg. Ze hebben zich dan verplaatst naar gebieden met grotten en mergelgroeves in bijvoorbeeld Zuid-Limburg of Oost-Europa, om daar hun winterslaap door te brengen”, verklaart Lubbers.

Bron: De Stentor, 25 juli 2018

Benieuwd naar de mogelijkheden van het soortmanagementplan voor uw planlocatie? Neem contact op met Gerard Lubbers via info@eelerwoude.nl